Adem in, adem uit! Over de neuscyclus en het sympathische zenuwstelsel.

Adem in, adem uit!

Is het u ooit opgevallen dat u niet evenveel lucht binnenkrijgt in elk neusgat? De meeste mensen wisselen qua ademhaling af tussen het linker- en het rechterneusgat. De enige keer dat je je echt bewust bent van deze cyclus is wanneer slechts één kant van de neus verstopt raakt, waardoor je om de paar uur beter of juist slechter kunt ademen door de neus.

De eerste wetenschapper die over dit fenomeen schreef in 1895 was een Duitse KNO-specialist, Richard Kayser genaamd. Het hele fenomeen is nog steeds relatief onbekend en geeft ook aanleiding tot grappen omdat het weefsel in de neus dat verantwoordelijk is voor de gedeeltelijke afsluiting, sterk lijkt op het weefsel dat in de penis en clitoris gevonden wordt en daar voor een erectie zorgt.
Er is zelfs een speciale 'ziekte', die de huwelijksreis-neusontsteking wordt genoemd. De achterliggende reden voor het verstopt raken van de neus bij pasgehuwden is dat sexuele opwinding er voor kan zorgen dat het zwellichaam in de neus tegelijk opzwelt.

Bij de meeste mensen gaat op dat dit 'erectieweefsel' in het ene neusgat zal opzwellen, terwijl het in het andere neusgat zal slinken. Hierdoor zal het ene neusgat veel lucht doorlaten, terwijl dat in het andere neusgat niet gebeurt. Enige tijd later gebeurt dan precies het omgekeerde. Dit proces heet de 'neuscyclus'. Een complete neuscyclus neemt tussen 40 minuten tot wel 8 uur in beslag, maar in het algemeen is dat 3 tot 4 uur.
Er zijn verschillende factoren die de neuscyclus kunnen beïnvloeden, waaronder allergieën, infecties, lichaamsbeweging, zwangerschap, angst, buitentemperatuur, luchtvochtigheid en emoties. Andere factoren die een neuscyclus beïnvloeden is of men staat of ligt. Als iemand gaat liggen op één zijde, zal na 12 minuten het zwellichaam in de neus vollopen, zodat het andere neusgat dominant wordt en er door dat neusgat gemakkelijker geademd kan worden.
Naarmate we ouder worden, wordt de neuscyclus wel minder geprononceerd.

Het afwisselend opwellen en slinken van de neusgaten blijkt geregisseerd te worden door het centrale zenuwstelsel en in verband te staan met zowel het sympathische (SNS ofwel vecht-of-vlucht-systeem) alsook het parasympathische (PNS ofwel rust-en-verteer) systeem, die beiden op elke zijde van het lichaam aanwezig zijn.
Op elk moment van de dag is er sprake van sympathische dominantie aan één kant van het lichaam, waarbij ook dat neusgat het meest actief is en parasympathische dominantie aan de andere kant. En dan wisselen beide systemen. De neuscyclus is een van de vele aanwijzingen dat er een wisseling is van de wacht tussen de SNS en de PNS in beide lichaamshelften, wat ook inhoudt dat er fases zijn waarin het lichaam actiever is en rustiger wordt.
Wanneer het sympathische systeem dominant is aan de rechterkant, zal het rechterneusgat en de rechterlong domineren. Dat is niet het enige, maar het hele lichaam wordt dan actiever, zoals dat de hartslag toeneemt, de bloeddruk stijgt, de ademhaling sneller gaat en de lichaamstemperatuur hoger wordt. Zodra het sympathische systeem dominant wordt aan de linkerkant van het lichaam wordt het linkerneusgat en linkerlong actief, maar tegelijk zal het lichaam wat slomer worden en een tragere hartslag, lagere bloeddruk en lichaamstemperatuur krijgen.
Foetussen en pasgeboren babies blijken een slaap-waak-ritme te hebben dat deze neuscyclus heel nauwkeurig volgt, wat een goede aanwijzing is dat dit een primitievere en dominantere cyclus is dan de gewone dag-nachtcyclus.
Zelfs het leervermogen wordt door deze neuscyclus beïnvloed. De periode dat het rechterneusgat dominant is, blijkt samen te gaan met een hogere verbale begaafdheid, terwijl de periode dat het linkerneusgat dominant is, samenvalt met een beter ruimtelijk begrip.

Zelfs wanneer het ene neusgat niet dominant is, is het toch in staat om geuren waar te nemen. Er is wel een verschil in hoe dat geubert.
Om geroken te worden, moeten geurmoleculen oplossen in het vochtige neusslijm van het reuk-epitheel. Sommige moleculen lossen langzaam op en andere moleculen heel snel.
Het neusgat met de langzamere luchtstroom stelt deze traag oplossende moleculen in staat om langer aan het epitheel te blijven kleven.
Anderzijds kunnen de snel oplossende moleculen via de snelle luchtstroom in het andree neusgat een groter oppervlak van het reuk-epitheel bestrijken en zo de hersenen meer prikkelen.
Men denkt dat deze ruimtelijke verschillen tussen hoe geurmoleculen worden waargenomen, de neus in staat stelt om in 'stereo' te ruiken, precies zoals twee oren stereo kunnen horen en de richting kunnen schatten waar een geur vandaan komt.
Mocht u nieuwsgierig zijn hoe u bij uzelf een neuscyclus kunt opmeten, dan kunt u hier verder lezen. Alles wat ervoor nodig is, is een klein en schoon spiegeltje.

Get every new article on your mail